Questions or ideas?
We would love to hear from you!
Learn in less than three minutes about a new, revolutionary supermarket model. It’s not only a place to do your groceries, but also a place that brings people together and offers access to healthy, sustainable food.
The residents of Moerwijk started the initiative and built the foundation for the concept of a ‘democratic supermarket’. Together with them, Foodrise further explored what this concept would entail and how it could make a big difference for the neighbourhood.
Watch the video below in English or Dutch.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
On 16 June 2025, a day before the start of the Healthy Food Healthy Planet Annual Forum in Serock, Poland, the Food Voices Coalition came together to reflect on where we stand and how to take our next steps. ALTAA, Cecu, Foodrise UK and Foodrise EU, Green REV Institute and Terra! engaged in discussions on how to shape the Menu of Food Voices, a document that we are preparing to share our experiences on how we contribute to food system transformation by listening to people’s voices.
During the Annual Forum, which had power as the central theme (power over, to, with and within), we shared already some of our experiences through the ladder & snakes’ game of power. The game was designed by Lucy Antal from Foodrise UK with contributions from the other organisations. There were four groups each representing a character, in this case a young activist, consumer, corporate power and policy maker, each with their own symbol on the pawns. There were several extra features, such as certain advantages or disadvantages you have as a character related to power, or squares like “drought” that led you backwards on the board. If you had landed on one of the colored squares of the giant game board after throwing a die, a realistic scenario was presented, in which you had the choice between two options. The decision had to be taken from the perspective of the character and after consultation in the group about the scenario. It was a successful try-out with many positive reactions.
Located in a beautiful, forested area, the Annual Forum provided ample opportunities to connect with each other. The program was designed to connect with and use the wisdom of our bodies. We let our hands do the talking in depicting a European food system (both the current and the ideal system). We could immerse ourselves in the world of unusual allies and create messages to connect with them. We could also take a nap together (‘rest is resistance’) or meditate, alongside storytelling and workshop sessions to develop our skills. This way of connecting creates a completely new dynamic of interaction.
The creative approach, the environment, and the many inspiring people made it a truly powerful meeting. By approaching the huge task of transforming the unjust and harmful food system not only rationally with our brains but by using emotions and intuition and body wisdom, new insights are born and we can be more effective in having an impact. Understanding at an emotional level how power affects us and our relationships and our work opens new ways of working. Before we can change the system we have to be aware of the system within ourselves!

We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Kweekzalm richt ecologische schade aan, is niet duurzaam en veroorzaakt voedselschaarste aan de Afrikaanse westkust. Toch blijft het roze stukje vis een schoon imago houden dankzij veelvuldige greenwashing technieken van de kweekzalmindustrie, met name actief in Noorwegen, Denemarken en Schotland. Op de websites van deze bedrijven wordt het begrip ‘duurzaamheid’ veelvuldig gebruikt en de gezondheid van de zalm geprezen, terwijl de realiteit heel anders blijkt. En juist Nederlandse banken lijken hiervoor te vallen.
Het nieuwe rapport ‘Fishy Finances: Exposing industrial salmon farming’s biggest financial backers’ van Feedback laat zien dat in de top vijf van grootste financiële dienstverleners aan zalmkwekerijen wereldwijd twee Nederlandse banken staan: ABN Amro heeft sinds 2015 voor 1.3 miljard dollar verstrekt en Rabobank zelfs voor 1.8 miljard dollar. Dankzij de financiële sector wordt de kweekvisindustrie aangemoedigd hun vervuilende en oneerlijke praktijken verder uit te breiden.
Hiermee vormen deze banken de twee grootste financiële verstrekkers (ABN AMRO 1.3 miljard dollar, Rabobank 0.9 miljard dollar) aan het Noorse Mowi. Het miljardenbedrijf heeft al meerdere schandalen achter haar naam staan: het overtreden van milieuwetten in Schotland, rechtszaken in Chili vanwege grote hoeveelheden ontsnapte zalm, het gebruik van verboden chemicaliën op ‘biologische’ zalm in Britse supermarkten en het overtreden van EU mededingingsregels.
Zelfs Triodos, een van de duurzaamste banken van Nederland, blijkt sinds december 2024, 16 miljoen dollar geïnvesteerd te hebben in Bakkafrost, één van de grootste zalmkwekerijen ter wereld. Het bedrijf heeft een toenemend sterftecijfer onder de zalm en gebruikt bovengemiddeld veel wilde vis om de zalm te voeden.
Wat gaat er mis in de kweekzalmindustrie?
Enorme bedrijven zoals Mowi, SalMar and Bakkafrost ontvangen tientallen miljarden aan investeringen en kredietverleningen voor het uitvoeren van schadelijke praktijken. Feedback EU roept de Nederlandse banken op de geldkraan zo snel mogelijk dicht te draaien.
Frank Mechielsen, Directeur Feedback EU: “Het is tijd dat de greenwashing praktijken van de zalmindustrie aan het licht worden gebracht en dat iedereen kan inzien hoe verwoestend deze industrie te werk gaat. Nederlandse banken dragen bij aan het aanrichten van ecologische schade, voedselschaarste en dierenleed. De geldkraan moet dicht.”
Dr Aliou Ba, Ocean Campaign Lead Greenpeace Africa: “De miljarden die naar de industriële zalmteelt gaan, vernietigen niet alleen mariene ecosystemen, maar beroven ook Afrikaanse kustgemeenschappen van voedselzekerheid. Deze financiële instellingen stoppen geld in een industrie die wilde vispopulaties uitput voor de productie van vismeel en visolie, terwijl lokale vissers moeite hebben om hun families te voeden. Door zalmkwekerijen te financieren, kiezen wereldwijde investeerders voor bedrijfswinsten in het mondiale noorden boven het levensonderhoud van miljoenen mensen die afhankelijk zijn van gezonde oceanen in het mondiale zuiden. Wij eisen dat zij de financiële steun aan deze roofzuchtige industrie stopzetten en in plaats daarvan investeren in de bescherming van de mariene hulpbronnen die onze gemeenschappen in stand houden.”
In 2024 bracht Feedback een rapport uit over hoe de groeiende Noorse kweekzalmindustrie resulteert in voedselschaarste aan de Afrikaanse westkust.
Lees de Nederlandse samenvatting van het rapport hier.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Op 19 november vond het vierde Plant the Future diner plaats, georganiseerd door de Transitie Coalitie Voedsel. Het middagprogramma bracht ruim 230 mensen van uiteenlopende sectoren bijeen: ondernemers uit de gehele keten, wetenschappers, NGOs en politici. Het thema was ‘van ideaal naar business impact’. Ondanks de grote diversiteit in bijdragen van sprekers, inclusief van vleesverwerkende bedrijven, was er onder de aanwezigen geen twijfel over de noodzaak om het aandeel van dierlijke eiwitten in ons dieet te reduceren en het aandeel plantaardige eiwitten drastisch te vermeerderen.
Feedback EU was een van de vele organisaties en bedrijven die een ronde tafel organiseerde. Aan onze tafel zaten Renate Stuger (initiatiefnemer buurtsuper), Elly Hemmelder (Plus) en Eline van Muilwijk (Quista), Bram van Helvoirt (wetenschapper), Brenda Poot (Gemeente Den Haag) en Liane Lankreijer (Ons Eten, Haags netwerk van lokale voedsel alternatieven). Feedback EU nodigde juist hen uit aan tafel om het initiatief te ondersteunen voor een buurtsupermarkt in Moerwijk met economische, ecologische en sociale functies voor de buurt en om het concept van een democratische supermarkt verder te verkennen.
Tijdens het fantasievolle en lekkere, plantaardige diner hadden we inspirerende gesprekken over zeggenschap en waardecreatie van supermarkten en wat daarvoor nodig is. De tijd vloog voorbij en aan het eind concludeerden we dat we graag een business case zouden willen opzetten met bewoners en ondernemers voor een sociale en gezonde supermarkt, om beter te begrijpen waar de knelpunten en mogelijkheden liggen. Vanuit het oogpunt van duurzaamheid zou uiteraard het aandeel plantaardige eiwitten minimaal 60% moeten zijn. Daarnaast zou het hele aanbod in de supermarkt voor minimaal 60% moeten voldoen aan de Schijf van Vijf met vooral vers voedsel en korte ketens. We danken onze tafelgenoten voor hun betrokken en inspirerende bijdragen aan de discussie!

Tijdens het diner bood Frank Mechielsen, directeur van Feedback EU, alvast een samenvatting van ons nieuwste rapport “Trading away the Future? How the EU’s agri-trade policy is at odds with sustainability goals” aan kamerleden van vijf aanwezige politieke partijen. Het rapport laat aan de hand van de handel in soja, koolzaad en rundvlees zien dat het EU handelsbeleid niet bijdraagt aan een duurzame transitie van ons voedselsysteem, maar juist de ongelijkheid en klimaatverandering, gezondheidsproblemen en voedselonzekerheid verergert.
Key-note sprekers waren Rasmus Prehn, de voormalig Deense minister van landbouw, en Rune-Christoffer Dragsdahl, voorzitter van de Vegetarische Bond in Denemarken. Zij presenteerden het vooruitstrevende Deense Plan van Aanpak om de plantaardige eiwittransitie in de landbouw mogelijk te maken. Hun belangrijkste boodschap was: werk vooral samen, ook met partijen met wie je gewoonlijk niet zo gauw om de tafel zit. Zoek naar het gemeenschappelijke dat ons allen verbindt, in dit geval voedsel. In een zorgvuldig proces worden alle belangen goed meegenomen, maar is het onvermijdelijk dat er ook concessies gedaan moeten worden. Zoek vooral naar de mogelijkheden voor alle partijen en wat zij nodig hebben om het doel te bereiken. Zij refereerden aan Nederland, waar in veel opzichten een vergelijkbare landbouw situatie is als in Denemarken, om tot een eigen Plan van Aanpak te komen om de voedseltransitie te versnellen en om met de Denen samen te werken om ook op Europees niveau tot een dergelijk plan te komen.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Op 4 september organiseerde Feedback EU in samenwerking met Buurtkamer de Luyk in Moerwijk, Den Haag, een bijeenkomst in het kader van het internationale project ‘Ons Eten, Onze Keuze’. De aanleiding was een petitie die actieve bewoners in de omgeving van de Jan Luykenlaan begin dit jaar aan de gemeente voorlegden met het verzoek om een supermarkt. De bewoners vragen echter om meer dan alleen een plek om hun boodschappen te doen; zij willen een buurtsupermarkt met producten die passen bij het multiculturele karakter van de buurt. Er moet een ruim aanbod komen van verse, gezonde en betaalbare voedingsmiddelen. Daarnaast moet het een plek zijn die sociaal en economisch bijdraagt aan het welzijn van de bewoners.
Feedback EU zet zich in voor het verbeteren van het voedselsysteem en de petitie sluit hier goed bij aan. Om die reden vroegen wij Guusje Weeber een onderzoek uit te voeren naar wat de buurtbewoners als gezond en eerlijk voedsel beschouwen en hoe deze supermarkt als hefboom kan fungeren voor verbetering van de wijk.
Tijdens het eerste deel van de bijeenkomst presenteerde zij haar bevindingen. Buurtbewoners en omwonenden waren actief betrokken en gingen enthousiast met elkaar in discussie over de uitkomsten. In tegenstelling tot het vooroordeel dat mensen in achtergestelde wijken geen interesse zouden hebben in voedsel en alleen maar voor goedkoop fastfood kiezen, heerste er een klimaat van groot bewustzijn over het belang van gezond voedsel. Zelfs onbespoten voedsel werd ter discussie gesteld, want ons grond- en slootwater, lucht en bodem is zodanig vervuild dat het niet te vermijden is dat het in en op het voedsel komt.
“Wij denken dat het gezond is, verse groente en fruit, maar misschien worden we er juist wel ziek van, die bespoten troep veroorzaakt allerlei allergieën! Wij nemen onze verantwoordelijkheid wel als we het kunnen betalen, maar de overheid moet dit ook doen. Zij zien niet wat voor ellende ze veroorzaken door hun slechte beleid,” aldus een van de buurtbewoners.
Na een korte pauze introduceerde Liane Lankreijer van de Haagse organisatie ‘Ons Eten’ de sessie “Ontwerp je ideale supermarkt”. In een groep werd gepraat over wat er in de ideale supermarkt in de schappen ligt en wat beslist niet, zoals plastic verpakkingen. De andere groep richtte zich op wat de bewoners zelf kunnen doen om zo’n supermarkt te realiseren en op welke wijze de ideale supermarkt anders is dan een gewone.

In de buurtsuper komt onbespoten, onbestraald voedsel, verse en lokaal geteelde groenten en fruit. Om verspilling tegen te gaan mogen de buitenbeentjes groenten ook onderdeel zijn van het assortiment, evenals een kleiner aanbod van een product. Het is bijvoorbeeld niet nodig om tien soorten rijst in de schappen te hebben staan. Stemrecht over het aanbod, meal preppen, kortingspassen, spaarpunten, recepten, uitjes naar waar het voedsel vandaan komt, goede informatie, het aannemen van jongeren uit de buurt als werknemers en en het verzorgen van ontbijt op scholen, werden allemaal voorgesteld als mogelijk toegevoegde waarde. Over het algemeen hebben supermarktketens weinig bewegingsruimte om hun aanbod aan te passen aan deze wensen die vanuit de wijk komen. Een overweging kan zijn om met lokale ondernemers samen te werken.
Er is momenteel te weinig communicatie over wat er met de petitie gebeurt. De druk moet op de ketel blijven en media-aandacht is daar een middel voor. De bewoners waren nog lang niet uitgepraat. De volgende stap is dat Feedback EU samen met betrokkenen een dergelijke bijeenkomst organiseert in de avond, zodat er meer buurtbewoners en de gemeente aanwezig kunnen zijn. Dan wordt ook duidelijker in welk stadium het verzoek om een buurtsupermarkt te realiseren zich bevindt.
Feedback EU liet een video maken van de bijeenkomst om deze te gebruiken bij andere gelegenheden, ook internationaal, om de discussie over voedselarmoede en het democratiseren van supermarkten te stimuleren:
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
‘Hoe ziet een gezond en eerlijk voedselaanbod eruit in Moerwijk?’ Met die vraag ging Guusje Weeber voor Feedback EU op pad in deze Haagse wijk. Een belangrijke voorwaarde binnen dit onderzoek was dat de stemmen van de buurtbewoners centraal staan. Wat is hun definitie van gezond voedsel en wat verwachten zij van een buurtsupermarkt?
De antwoorden van de bewoners hebben geresulteerd in het rapport ‘Een democratische supermarkt in Moerwijk’ dat nu hier te lezen is. Dit nieuwe onderzoek sluit goed aan op een eerder gepubliceerd rapport door Ons Eten rondom voedselarmoede in Den Haag.
Samen met de Buurtkamer de Luyk en met medewerken van Ons Eten, organiseerde Feedback EU op 4 september een buurtevenement in Moerwijk om de onderzoeksresultaten te presenteren en gezamenlijk een ‘ideale supermarkt’ in te richten.
Dit onderzoek maakt deel uit van een project dat wordt gefinancierd door Healthy Food Healthy Planet, waarin Feedback EU samenwerkt met zes Europese organisaties in de Food Voices Coalition.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Feedback EU is een project gestart met zes organisaties uit Europa als doel te luisteren naar wat mensen in hun omgeving nodig hebben om toegang tot en keuze voor gezond, duurzaam en rechtvaardig voedsel mogelijk te maken en om hun stemmen te mobiliseren. Om het project te lanceren organiseerden we van 24-26 april een workshop in Den Haag. Het unieke van dit door Healthy Food, Healthy Planet gefinancierde project is dat het element leren sterk vertegenwoordigd is. Hoe kunnen de stemmen en keuzes van burgers worden gemobiliseerd om beleidsmakers en supermarkten effectief te beïnvloeden? Hoe kunnen we bewegingen diverser maken en verenigen om de bestaande vooroordelen over gezond, duurzaam en betaalbaar voedsel te ontzenuwen en er een eerlijk verhaal van te maken? Deze vragen zullen een rode draad vormen gedurende de looptijd van het project (tot oktober 2025).
Deelnemende organisaties gaan samenwerken met gemeenschappen die moeite hebben met de toegang tot betaalbaar gezond voedsel. Luisteren naar wat zij nodig hebben staat centraal. Supermarkten zijn nog steeds veruit de meest dominante voedselleveranciers. Daarom richten we onze pijlen op supermarkten, om hen te bewegen hun aanbod aan te passen met betaalbare, duurzaam geproduceerde, meer plantaardige en gezonde voeding. We hopen op lokaal en nationaal niveau dit initiatief uit te breiden naar meer landen in de EU. Daarnaast zullen we met beleidsmakers in gesprek gaan om faciliterend beleid te maken. Omdat een fundamentele verandering van het voedselsysteem nodig is, zullen we alternatieve modellen voor een gezonde voedselomgeving bevorderen en gaan we de druk op supermarkten opvoeren om een aanbod van minstens 60-40% plantaardig voedsel tegen 2030 te realiseren.
De kick-off workshop vond plaats in de Utopie en de Gymzaal, beide locaties zijn gebaseerd op alternatieve modellen. De avond van 25 april organiseerden we een evenement met lokale mensen uit Den Haag die zich bezighouden met alternatieve voedselinitiatieven. Deelnemers aan de workshop en lokale bewoners gaven presentaties: Keenan Humble, van Feedback UK, vertelde over een groene bus in Liverpool die betaalbaar gezond voedsel levert in gebieden die ook wel voedselwoestijnen genoemd worden. Liane Lankreijer, van de Voedselraad van Den Haag, presenteerde haar onderzoek waaruit de structurele uitdagingen rondom voedselarmoede in bepaalde gebieden in Den Haag blijken. Ze vertelde over de eerste experimenten om de samenwerking in buurten te versterken, zowel informeel als formeel. Feedback EU ondersteunde de vertaling van haar rapport Weaving Food in het Engels. De Nederlandse versie is hier te vinden. Een vertegenwoordiger van de gemeente Den Haag vertelde hoe zij met lokale voedselinitiatieven samenwerkt.
ALTAA en CAN uit Frankrijk, CECU uit Spanje, Green REV Institute uit Polen, Terra! uit Italië, Feedback Global in UK en Feedback EU in Nederland zoeken de dialoog en samenwerking met organisaties uit verschillende sectoren, zoals met klimaat-, milieu- en landbouworganisaties, consumenten, gezondheidsorganisaties, boeren en organisaties die werken aan armoedebestrijding en sociale rechtvaardigheid, met als doel onze stemmen te verenigen in een luide vraag naar een duurzaam en rechtvaardig voedselsysteem.
Ons eten, onze keuze!
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
In het recente verkiezingsdebat over landbouw en handel kwamen alle kandidaat Europarlementariërs (MEPs) van de negen aanwezige partijen samen. Het debat werd georganiseerd door Feedback EU in samenwerking met Platform ABC, de Nederlandse Akkerbouw Vakbond, en de Nederlandse Melkveehouders Vakbond. Hoewel er een consensus leek te zijn over enkele hoofdpunten, zoals het verbeteren van het inkomen van boeren en het tegengaan van oneerlijke concurrentie en handelsverdragen, waren de meningen over de invulling en aanpak van deze doelen sterk verdeeld.
Consensus en Controverse
Alle partijen spraken zich uit voor een beter inkomen voor boeren en tegen oneerlijke handelspraktijken. De meeste partijen steunen ook de vergroening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Echter, rechtse partijen willen de hectarepremie behouden als buffer voor slechte tijden. Er waren uiteenlopende meningen over wat eerlijk en beter is voor de boer en het milieu, en over de rol van Europa hierin.
Monique Ansink (Volt) vatte het treffend samen: “Als je achter de kudde aanrent, loop je altijd in de stront.” Hiermee benadrukte ze de noodzaak voor progressieve verandering en leiderschap.
Milieu en Mest
Anja Hazekamp (PvdD) bracht de omvang van het mestprobleem in Nederland onder de aandacht: “We produceren 70 miljoen ton mest per jaar, dat is 1000 kg per inwoner, ofwel 33 badkuipen per jaar per persoon.” Dit beeldende voorbeeld stuitte op kritiek van de BoerBurgerBeweging (BBB) en de SGP, die vonden dat de cijfers overdreven waren.
Hans Geurts (BBB) pleitte tegen de afschaffing van de derogatie is, waardoor hij minder dierlijke mest en meer kunstmest moet gaan verbruiken, terwijl de SGP een kringlooplandbouw voorstelde waarin ook menselijke mest wordt gebruikt.
Subsidies en Duurzaamheid
Anja Hazekamp (PvdD) stelde dat alle GLB-subsidies moeten worden ingezet voor verduurzaming en vermindering van externe kosten. Ze bekritiseerde het huidige systeem, waarbij de meeste subsidies naar grote bedrijven in de veehouderij gaan vanwege de hectarepremie.
Lara Sibbink (GroenLinks/PvdA) benadrukte het belang van biologische landbouw, waar veel minder in is geïnvesteerd dan in conventionele landbouw. Ze pleitten voor GLB-ondersteuning voor biologische landbouw vanwege de lagere externe kosten.
Hendri Nortier (D66) stelde dat eerlijke beprijzing cruciaal is en dat potentiële klimaatschade in de prijs moet worden meegenomen. Hij betoogde dat Nederland, door in te spelen op deze ontwikkelingen, de concurrentiekracht van de boeren kan versterken.
Wetenschappelijke Feiten en Polarisatie
Een boer uit het publiek klaagde dat tegenwoordig alle wetenschap subjectief lijkt. De wetenschappelijke feiten over klimaat, stikstof en landbouw werden door sommige boeren en rechtse partijen ter discussie gesteld.
Lara Sibbink (GroenLinks/PvdA) was verbaasd over het gebrek aan feitenkennis van sommige kandidaten. Ze werd door een boer uit het publiek neergezet als theatermaker, wat ze beaamde naast haar rol als voedselexpert.
Monique Ansink (Volt) riep op om de links-rechts discussie en polarisatie te vermijden en samen te werken aan een duurzame toekomst. Hans Geurts (BBB) sloot zich hierbij aan en benadrukte het belang van communicatie over gewasbeschermingsmiddelen zonder angstzaaien.
Handel en Vrijhandelsverdragen
Fenna Feenstra (SP) stelde dat wat we hier niet willen, we ook niet in Indonesië en Brazilië moeten willen.
Anja Hazekamp (PvdD) benadrukte het belang van het uitsluiten van landbouw uit vrijhandelsverdragen. Lara Sibbink (GroenLinks/PvdA) benadrukte de noodzaak van voedselsoevereiniteit.
De SGP en BBB stemden tegen het Mercosur-verdrag vanwege oneerlijke concurrentie en lagere duurzaamheidsnormen voor importproducten. Lambert Polinder (SGP) benadrukte dat de import van buiten de EU aan dezelfde productiemethoden moet voldoen als binnen de EU.
Lara Sibbink (GroenLinks/PvdA) pleitte voor mirror measures in handelsverdragen, die wederkerig moeten worden toegepast, bijvoorbeeld bij de export van pesticiden uit de EU.
Hans Geurts (BBB) gaf aan dat de BBB, ondanks hun eerdere tegenstand tegen Mercosur, nu zullen deelnemen aan de EVP-fractie en pragmatischer zullen zijn in hun stemgedrag, wat door de VVD wordt bevestigd.
Oneerlijke concurrentie en Mirror Measures
Frank Mechielsen, directeur van Feedback EU gaf een presentatie over oneerlijke concurrentie voor Europese boeren van boeren uit landen buiten de EU en presenteerde ook de beleidsnota die recent is uitgebracht door Feedback EU over dit wetgevingsinstrument. De beleidsnota is hier terug te lezen.
Samenvatting
Het verkiezingsdebat over landbouw en handel toonde een brede eensgezindheid over de noodzaak van eerlijke inkomens voor boeren en de strijd tegen oneerlijke concurrentie en handelsverdragen. Echter, de visies op hoe deze doelen te bereiken verschilden sterk tussen de partijen. Linkse partijen benadrukten de noodzaak van duurzaamheid en biologische landbouw, terwijl rechtse partijen pleitten voor behoud van de hectarepremie en pragmatische benaderingen in handelsverdragen. De discussie over mest en wetenschappelijke feiten illustreerde de polarisatie binnen het debat, met oproepen van Volt en BBB om gezamenlijk naar een duurzame toekomst te werken. Het was duidelijk dat, hoewel de doelen overeenkomen, de wegen naar die doelen sterk uiteenlopen.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Vandaag is het zover: onze nieuwste policy brief over mirror measures en hun rol in het bevorderen van rechtvaardige handel wordt gepubliceerd. Deze beleidsnota biedt een diepgaande analyse van de huidige stand van zaken en geeft beleidsaanbevelingen die bijdragen aan een eerlijker en duurzamer handelssysteem.
In onze policy brief hebben we niet geschroomd om kritisch te kijken naar de huidige handelspraktijken. Wij constateren dat er op diverse vlakken nog aanzienlijke verbeteringen mogelijk zijn. Dit leidt tot oneerlijke concurrentie en ondermijnt duurzame productiemethoden. Een specifiek punt van kritiek is dat de huidige handelsregels vaak niet bijdragen aan een gelijk speelveld. In onze aanbevelingen pleiten wij dan ook voor een meer rechtvaardige benadering, waarbij duurzaamheid en eerlijke concurrentie centraal staan. We moedigen beleidsmakers aan om niet alleen te kijken naar de directe economische voordelen, maar ook naar de bredere maatschappelijke en ecologische impact van hun handelsbesluiten.
De implementatie van mirror measures, waarbij importproducten aan dezelfde eisen moeten voldoen als binnenlandse producten, kunnen een rol spelen in de verbetering van deze situatie. Door te zorgen dat geïmporteerde producten voldoen aan dezelfde standaarden als binnenlandse producten, kunnen we niet alleen oneerlijke concurrentie voorkomen, maar ook duurzame productiemethoden wereldwijd stimuleren. Maar we roepen op ook kritisch te kijken naar mirror measures, en hun effectiviteit te monitoren.
Wij roepen beleidsmakers, stakeholders en alle geïnteresseerden op om onze policy brief grondig door te nemen en de discussie met ons aan te gaan. Wij geloven dat een open dialoog en kritische reflectie essentieel zijn om tot effectieve en toekomstgerichte beleidsoplossingen te komen.
Lees de policy brief hier.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Alle grote supermarkten hebben de ambitie uitgesproken om meer plantaardige producten aan te bieden. Helaas bieden zij nog steeds veel vlees en zuivel producten in de aanbieding aan. Maar Jumbo is de eerste die aanbiedingen op vers vlees volledig afzweert.
Topman Ton van Veen in de Volkskrant: ´Met het stopzetten van vleespromoties zetten we een belangrijke stap in de richting van onze bijdrage aan de eiwittransitie van dierlijke naar meer plantaardige voeding’. ‘We realiseren ons dat versnelling hierin nodig is.’ Maatschappelijke druk heeft een rol gespeeld in het besluit, erkent Jumbo.
De uitstoot van Jumbo
Jumbo stoot 10,5 megaton aan CO2 uit in haar hele keten. Naar schatting zit 40% van deze uitstoot in de verkoop van vlees en zuivel. Daar is dus flinke klimaatwinst te behalen. Sinds 2021 voeren wij bij Foodrise EU campagne op supermarkten. Wij willen dat ze actie ondernemen op klimaat, en hun vlees en zuivelverkoop verminderen. We voerden campagne op Jumbo waarin de supermarkt werd opgeroepen om 1) transparant te worden over hun klimaatimpact en de verkoop van vlees en zuivel, 2) de eiwittransitie naar meer plantaardig en 3) minder dierlijk te omarmen en te stoppen met aanbiedingen van vlees. Jumbo hoorde bij de laagste groep in onze scorecard uit 2022 (zie ´de Minder Vlees Race´).
In 2023 kwamen Jumbo en de andere grote supermarkten met toezeggingen om transparant te worden over hun broeikasgasuitstoot, hun eiwitverhouding en de ambitie voor een eiwittransitie naar 50/50 dierlijk/plantaardig in 2025 of 2030. Maar geen van de supermarkten stopte met aanbiedingen voor vlees en zuivel. Zodat in de praktijk nog klanten verleid worden om meer vlees te komen dan goed is voor hun gezondheid en het milieu.
Ons rapport ´ ´, gelanceerd in het midden van 2023, belichtte de greenwashing tactieken, twijfelachtige gegevensrapportage en winstbejag met betrekking tot de klimaatcrisis binnen supermarkten. Onze bevindingen onthullen een gebrek aan duidelijkheid en toewijding van retailers met betrekking tot hoe ze hun klimaatambities willen realiseren. Supermarkten gebruiken greenwashtactieken om zich duurzamer voor te doen en nog steeds door te gaan met het vlees en zuivelreclames.
Marktleider Albert Heijn is kampioen aanbiedingen. We sporen Albert Heijn dan ook aan om het voorbeeld van Jumbo te volgen en te stoppen met de promotie van stapelkorting van vlees- en zuivelproducten.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.



We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Een oproep tot verandering: de impact van industriële veeteeltbedrijven
In een wereld die worstelt met de gevolgen van klimaatverandering, ontbossing en schendingen van mensenrechten, staan industriële veeteeltbedrijven centraal. Zij zijn onderbelicht als aanjager van de problemen, maar hun voortdurende expansie is onverenigbaar met de dringende noodzaak om onze planeet te beschermen en toekomstige generaties te waarborgen.
De rol van Nederlandse banken in dit verhaal
Het nieuwe rapport van Foodrise EU, ‘Klimaatimpact van het Grote Geld’ werpt een scherp licht op de rol van Nederlandse banken, zoals ING, ABN Amro en Rabobank, in het financieren van deze schadelijke praktijken. Deze banken hebben aanzienlijke sommen geld gestoken de industriële veehouderij.
ING en Rabobank staan beiden in de top tien van grootste financiers van de sector wereldwijd. Zij verstrekten zakelijke leningen en doorlopend krediet en stonden garant bij obligatie-uitgiften. ING met $15,6 miljard in kredieten, Rabobank met $15,4 miljard. Dit kan niet langer worden genegeerd.
De lokale gevolgen en de verantwoordelijkheid van banken
De impact van deze financiering strekt zich niet alleen uit over de wereld, maar is ook voelbaar in onze eigen achtertuin. In Nederland hebben de megaboerderijen geleid tot het faillissement van kleinschalige boeren en tot ernstige milieuproblemen. We moeten erkennen dat deze problemen ons allemaal aangaan en dat het tijd is om actie te ondernemen. Dat begint met geen miljarden meer naar de bio-industrie.
“De voortdurende financiering van massaproductie van vlees en zuivel door Nederlandse banken ondermijnt cruciale inspanningen op het gebied van klimaat, biodiversiteit, ontbossing, mensenrechten en corruptie,” zegt Frank Mechielsen, Directeur van Foodrise EU. “Het is tijd voor verandering. Banken moeten stoppen met het financieren van industriële veeteelt, en wel nu.”
Op weg naar een duurzame toekomst: een oproep tot actie
Deze bevindingen dwingen ons om te handelen. Het is tijd voor Nederlandse banken om hun financiering van industriële veehouderij af te bouwen. Het is tijd voor overheden om strengere regels op te leggen en subsidies te herzien. Er is geen tijd meer voor verder uitstel.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Waar zijn de klimaatplannen van miljoenenwinstsupermarkten?
Ahold Delhaize, het moederbedrijf van Albert Heijn publiceerde vandaag de jaarlijkse cijfers: wat een contrast tussen de stijgende voedselinflatie en de gerapporteerde winsten. Dit roept vragen op over de prioriteiten van de industrie. Boodschappen in Nederland kosten nu ongeveer 30% meer dan twee jaar geleden en tegelijk maakte het moederbedrijf van Albert Heijn 451 miljoen euro winst in 2023. Dat is 1.24 miljoen euro per dag. Deze cijfers drukken ons met de neus op het feit dat supermarkten niet het beste voor hebben met het publiek.
Nergens toont zich dit duidelijk dan in hun klimaatplannen en gebrek aan concrete acties. Het Foodrise EU-rapport ‘Valse Bingo’, gelanceerd in het midden van 2023, belichtte de greenwashing tactieken, twijfelachtige gegevensrapportage en winstbejag met betrekking tot de klimaatcrisis binnen supermarkten. Bijna 40% van de totale uitstoot van broeikasgassen door supermarketen wordt veroorzaakt door de verkoop van dierlijke producten. Onze bevindingen onthullen een gebrek aan duidelijkheid en toewijding van retailers met betrekking tot hoe ze hun klimaatambities willen realiseren.
Afgelopen januari bezochten we het hoofdkantoor van Albert Heijn in Nederland en overhandigden we hen de honderd ansichtkaarten van onze supporters. We werden goed ontvangen, maar hebben nog steeds geen idee hoe Albert Heijn precies hun publiekelijk verklaarde ambitie wil bereiken om in 2030 een eiwitverhouding van 60% plantaardig en 40% dierlijk te bereiken in de verkoop van hun producten. Noch zijn er specifieke toezeggingen gedaan om de marketing van vlees en zuivel te stoppen.
Uitbreiding van Campagnes door heel Europa
In het Verenigd Koninkrijk onderzocht Foodrise de retailers in hun rapport ‘Greenwash Grocers‘ en ook in andere delen van Europa zijn campagnes gelanceerd: er zijn rapporten uitgebracht in Spanje en Polen. Deze initiatieven trachten greenwashing praktijken aan te pakken en transparantie binnen de detailhandel te bevorderen. Naarmate het bewustzijn van consumenten groeit, wordt de oproep voor verantwoordelijke en duurzame praktijken in de industrie steeds dringender.
Nieuwe Wetgeving ter Bescherming van Consumenten en Bestrijding van Misleidende Marketingpraktijken
Het Europees Parlement heeft onlangs een baanbrekende wet goedgekeurd om greenwashing en misleidende productinformatie te bestrijden. Deze wetgeving is ontworpen om consumenten te beschermen tegen misleidende marketingpraktijken en hen in staat te stellen geïnformeerde keuzes te maken. De richtlijn, die overweldigende steun kreeg van leden, behandelt verschillende marketinggewoonten met betrekking tot greenwashing en voortijdige productveroudering. De nieuwe wet verbiedt het gebruik van termen als “milieuvriendelijk” in advertenties of verpakkingen zonder concrete bewijzen. Het pakt ook claims aan die suggereren dat een product een “klimaatneutrale”, “gereduceerde” of “klimaatpositieve” impact op het milieu heeft door CO2-emissiecompenserende schema’s, die vaak onzin zijn.
Het Voortouw Nemen
Als de grootste retailer in Nederland heeft Albert Heijn de kans om het voorbeeld te zijn. Door concrete acties boven louter retoriek te plaatsen, en nu te stoppen met van de promotie van stapelkorting van vlees- en zuivelproducten nu. Het is tijd om werkelijk leiderschap en toewijding te tonen. Aan zowel het welzijn van consumenten als de planeet. We hebben vandaag nogmaals gezien dat er ruimschoots de middelen voor zijn.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Een maand na de lancering van ons rapport over het ambitieuze biomethaanproductiedoel van de EU kunnen we met trots melden dat onze inspanningen vruchten hebben afgeworpen. Op 8 december weigerden de lidstaten toe te geven aan de druk van het Europees Parlement en verwierpen ze de invoering van een bindend hoog biomethaandoel tegen 2030 in de Europese in de Europese ‘Gas and hydrogen markets Regulation’.
Lees de details in het Euractiv-artikel
Lees het volledige persbericht
Rapportlancering en media-aandacht
De aanloop naar deze overwinning begon met de publicatie van ons rapport, getiteld “Biomethane: setting a target that is fit for food and the climate.” Dit rapport kreeg niet alleen nationale erkenning maar werd ook opgepikt door de media, waaronder Euractiv, de Griekse pers, Italiaanse pers en Poolse pers. Ook de industrie reageerde, met een open brief. Lees onze reactie daarop hier.
Oproep aan lidstaten
Het momentum van het gesprek werd verder versterkt door een gezamenlijke brief aan de lidstaten, waarin werd opgeroepen het, door de industrie voorgestelde, hoge biomethaandoel te verwerpen. Deze oproep werd gedaan door een coalitie van zeventien non-profitorganisaties, waaronder Greenpeace en Oxfam.
Biomethaan webinar
Om meer context en verdieping te bieden organiseerde Foodrise EU een biomethaan-webinar op 6 december, gehost door Toine Timmermans. Het webinar werd bezocht door zeer diverse stakeholders – academicie, beleidsmakers, NGO’s en industrie-lobby. Enkele hoogtepunten:
Een uitgebreid verslag en opname van het webinar zijn hier te vinden.
Volgende Stappen
Deze overwinning is een triomf voor de coalitie van onafhankelijke non-profitorganisaties die zich hebben ingezet voor realistisch en duurzaam gebruik van biomethaan. Ondanks deze mijlpaal zijn we ons bewust van voortdurende uitdagingen en druk vanuit de industrie. We zullen ons blijven inzetten voor biomethaandoelen die in lijn zijn meteen duurzame, gezonde, en rechtvaardige toekomst.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Op Prinsjesdag maakte de regering publiek dat de fiscale voordelen voor de fossiele industrie nog groter is dan eerder was aangenomen, namelijk tussen de 40 en 46 miljard Euro per jaar.
Terwijl de EU voorbereidingen treft om haar gasmarkt te herzien, wijst een nieuwe analyse erop dat de fossiele industrie het wetgevingsproces heeft overgenomen. Er is doelstelling voor ´groen gas´ voorgesteld die desastreuze gevolgen kan hebben voor het milieu en de klimaatdoelstellingen kan ondermijnen. De fossiele industrie hoopt zo een nieuw subsidiekanaal aan te snijden om hun voortbestaan veilig te stellen.
Terwijl elk EU-lidstaat zich voorbereidt om te stemmen over de herschikking van de Gas- en Waterstofmarktverordening van het blok, blijkt uit een nieuwe analyse van campagnegroep Foodrise EU dat het voorstel om de productie van biomethaan op te voeren tot 35 miljard kubieke meter (bcm) in 2030 onrealistisch is. Het huidige niveau is namelijk 3,5 miljard en het kan bovendien leiden tot risicovolle en niet-duurzame landbouwpraktijken en land -en energiegebruik.
In biovergisters worden biogas en biomethaan geproduceerd uit een grote verscheidenheid aan grondstoffen, zoals mest, gewasresten en voedselafval. Het wordt door voorstanders van de industrie vaak gepresenteerd als een ‘groen’ alternatief voor fossiel gas. Er is zeker een niche voor biomethaan, maar het gebruik van de meeste van deze grondstoffen heeft grote nadelen en onbedoelde gevolgen. Zo wordt de intensieve veehouderij juist aangemoedigd om meer mest te produceren en wordt eten gebruikt voor veevoer of brandstof in plaats van voedsel.
Uit de bevindingen van Foodrise EU blijkt dat de productiedoelstelling van 35 miljard kubieke meter biomethaan in 2030, zoals uiteengezet in het huidige wetsvoorstel, afkomstig is uit een rapport geschreven door de fossiele industrie. De doelstelling is in het ‘Gas for Climate’-rapport aanzienlijk hoger dan de doelstelling die wordt aanbevolen door het Gemeenschappelijk Onderzoekscentrum van de Europese Commissie en onafhankelijke deskundigen. Die laatsten concludeerden dat tegen 2030 slechts ongeveer 24 miljard kubieke meter biomethaan duurzaam geproduceerd zou kunnen worden. Een eerder onderzoek van het International Council of Clean Transportation (ICCT) geeft aan dat slechts 14 miljard kubieke meter biomethaan duurzaam geproduceerd kan worden in 2030.
Frank Mechielsen, directeur van Foodrise EU zei: “Dit is een schoolvoorbeeld van bedrijven lobby. Het is schokkend om te zien dat de Europese Commissie het eigen advies en de wetenschap heeft genegeerd door een onrealistisch hoog biomethaandoel te stellen. In het beste geval zal dit doel onhaalbaar zijn, in het slechtste geval zal het leiden tot een milieuramp. De lidstaten moeten dit afwijzen, anders zullen zij te maken krijgen met onbedoelde gevolgen die van invloed zullen zijn op het vermogen van de EU om de komende decennia aan haar klimaatverplichtingen en voedselzekerheid te voldoen.”
Karen Luyckx, onderzoeker en schrijver van het rapport zei: “Uit onze analyse blijkt dat de doelstelling van 35 miljard kubieke meter biomethaan in het huidige wetsvoorstel slecht doordacht is en geen rekening houdt met het beste advies van deskundigen. Het zal niets bijdragen aan het verbeteren van de energiezekerheid in de EU en zal onvermijdelijk leiden tot niet-duurzame praktijken in de landbouw- en energiesector. We erkennen dat er een nicherol is weggelegd voor de anaerobe vergisting van onvermijdelijke organische afvalstromen, maar om echt duurzaam te zijn zal de hoeveelheid geproduceerd biomethaan veel kleiner moeten zijn dan de gasindustrie verwacht.”
De analyse van Foodrise vestigt ook de aandacht op het probleem van het lekken van methaan uit de biovergisters. Uit een recente meta-analyse van 51 eerdere onderzoeken is gebleken dat de methaanemissies uit de toeleveringsketen van biogas twee keer zo groot zijn als geschat door het Internationaal Energieagentschap (IEA). Dit betekent dat momenteel de hoeveelheid methaan die vrijkomt ten opzichte van de totale biogasproductie hoger is dan bij fossiel gas. Het is daarom van cruciaal belang dat de gasverordening wetgeving vastlegt voor het continu meten van uitstoot en het handhaven van de preventie van broeikasgasemissies in de hele toeleveringsketen van biomethaan.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
In juli reisde Foodrise naar Senegal voor een ontmoeting met onze coalitiepartners Notre Poisson en bezocht Dakar, Joal Fadiout, Mbour en Popenguine om daar mensen te ontmoeten die te lijden hebben onder de vismeel- en visolie-industrie.
Net als in Gambia hebben de gemeenschappen in Joal Fadiout, Mbour en Popenguine te kampen met het verminderd aantal vissen en een verslechtering van de economie rondom voedsel uit de zee. “5 jaar geleden kochten we een krat voor 2000CFA, terwijl we nu te maken hebben met prijzen van meer dan 25000CFA” zegt de vertegenwoordiger van de vakbond van ‘economische belangengroepen’ – in Senegal vechten vrouwelijke visverwerkers nog steeds voor de wettelijke erkenning van hun beroep – in Joal Fadiout. De bron van het probleem is drieledig: de gevolgen van klimaatverandering, de industriële visserij en overbevissing, en vismeel- en visoliefabrieken (FMFO).
Door de prijsstijging kunnen kleinschalige ondernemers niet concurreren met ondernemers met meer geld, met name de lokale vismeel- en visoliefabrieken. Veel vrouwelijke verwerkers – banen zijn sterk gendergebonden in deze sector, waarbij mannen als vissers de zee op gaan en vrouwen de vangst verwerken en verkopen – worden zo beroofd van hun bron van inkomsten. Dat is niet het enige gevolg: vis is een belangrijk onderdeel van het dieet van mensen en vooral van kinderen. Zonder deze belangrijke bron van voedingsstoffen zijn veel kinderen afgegleden naar of bedreigd door voedselonzekerheid en de gevolgen daarvan.
Nu de zee leger en leger raakt gaan lokale economieën kapot. Mensen worden gedwongen hun beroep op te geven, maar alternatieven zijn er weinig. Leningen zijn onbetaalbaar of niet mogelijk. Ook verschuift de voorkeur van klanten van lokale vis naar goedkopere opties zoals geïmporteerde kip en melkpoeder uit de EU. Vissers die nu moeite de eindjes aan elkaar te knopen gaan over op het vangen van jonge vis met netten met kleinere mazen. Dat is een illegale vispraktijk die de vispopulaties verder dreigt uit te putten. Daarom weigeren lokale vismarkten deze jonge vis. Fabrieken van vismeel en visolie doen dat echter nog wel – en komen er mee weg. “Door dit te doen schieten ze [de vissers en jongens] zichzelf in de voet”, zegt een visverwerker in Popenguine, een activist die samenwerkt met Greenpeace.

Steeds meer mensen worden gedwongen om te emigreren op zoek naar werk en een inkomen elders, waarbij ze hun huis en familie achterlaten. Toen we de visverwerkingslocatie van Joal Fadiout bezochten, kregen we te horen dat de vrouwen en hun families wachtten op nieuws over familieleden die de oversteek naar Europa hadden gewaagd, maar al 11 dagen niets hadden gehoord. “Ze willen onze vis, maar ze lijken ons niet te willen” zegt een vertegenwoordiger van de vissers.
Mensen doen wat ze kunnen en passen nieuwe apparatuur en marketingstrategieën toe. In Mballing, een district in Mbour, verkopen vrouwelijke verwerkers nu gedroogde, gezouten en gerookte vis en weekdieren die worden verwerkt in nieuwe droogrekken en ovens. Ze investeren in nieuwe verpakkingen om de producten aantrekkelijker te maken op de markt. De mensen in Mbour zijn van oudsher trotse vissers en zouden hun bron van inkomsten én deel van hun identiteit niet zomaar opgeven. Ze vechten voor hun rechten als ambachtelijke vissers en verwerkers, en hun rechten als mensen.

En dat doen wij ook. Wij vechten door te pleiten voor het beëindigen van overbevissing en het gebruik van hele, voedzame vissen in de productie van vismeel en visolie in West-Afrika en Europa.
Dit werk wordt mogelijk gemaakt door de steun van Oceans 5, een gesponsord project van Rockefeller Philanthropy Advisors.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Hoewel ze pronken met hun inspanningen voor het klimaat komen supermarkten nog niet genoeg in actie om de verkoop van vlees en zuivel te verminderen. Slechts één supermarkt laat zien dat bijna de helft van deze uitstoot veroorzaakt wordt door de verkoop van dierlijke producten. Dit is precies het gebied waar de meeste (klimaat)winst te behalen valt, maar alle supermarkten blijven stunten met vlees in de aanbieding.
Na Albert Heijn en Lidl heeft inmiddels ook Jumbo de totale uitstoot gerapporteerd. Hiermee wordt duidelijk dat tussen de 94 en 97% van de uitstoot wordt veroorzaakt in de keten. In 2021 bedroeg de totale uitstoot van broeikasgassen in de keten van Albert Heijn maar liefst 14,4 megaton, waarvan 97% toe te schrijven is aan ingekochte producten. 48% van deze uitstoot (7 megaton CO2eq.) komt voort uit de verkoop van dierlijke producten zoals vlees, vis, zuivel en eieren. Dit komt overeen met 4% van de totale Nederlandse uitstoot in 2021. Albert Heijn heeft eind 2022 een ambitieus klimaatdoel gesteld om in 2030 45% minder broeikasgassen uit te stoten vergeleken met 2020. Een snelle manier voor marktleider AH om dit te bereiken is om minder vlees en zuivel in de schappen te leggen.
Opvallend genoeg richten supermarkten hun communicatie over duurzaamheid voornamelijk op de kleine percentages uitstoot die veroorzaakt worden in de zogenaamde scope 1 en 2. Ze pronken met kreten als ’klimaat-neutrale bedrijfsvoering in 2030’ en laten trots hun energiezuinige distributiecentra zien op hun websites. Ze willen graag complimenten ontvangen voor bonnetjes van gerecycled papier. Maar waar ze niet graag de schijnwerpers op richten, is het feit dat van alle producten die ze aanbieden, vlees en zuivel de meeste uitstoot veroorzaken.
Het recente rapport van de klimaatorganisatie Foodrise EU onthult hoe supermarkten zich bedienen van greenlighting en greenshifting, dezelfde greenwashing-tactieken die ook door de fossiele industrie worden gebruikt. Greenlighting is wanneer bedrijven zichzelf presenteren als ‘groen’ door de nadruk te leggen op kleine stappen richting duurzaamheid. Een typisch voorbeeld hiervan is het bejubelen van een pond gehakt dat verpakt is in minder plastic. Hoewel dit een kleine verbetering is, leidt het af van het feit dat de productie van vlees een veel grotere klimaatimpact heeft.
Daarnaast schuiven supermarkten de schuld en verantwoordelijkheid graag af op de consument, een tactiek genaamd greenshifting. Ze voeden het bestaande narratief dat de klant koning(in) is en bepaalt wat er in de schappen ligt. Dit wordt versterkt door de roep van overheden om betere labels en voedseleducatie. Echter, de invloed die supermarkten hebben op de voedselomgeving wordt sterk onderschat. Wat er in de schappen ligt, wat er in de folders staat en welke producten in de aanbieding zijn, beïnvloedt grotendeels het koopgedrag van klanten. Bovendien zorgen supermarkten met kwantumkorting voor overconsumptie en verspilling. Daarom is het van cruciaal belang dat supermarkten een grote rol op zich nemen om klanten te helpen duurzaam, gezond en meer plantaardig te eten.
Hoewel veel supermarkten beweren klanten te helpen door zich te richten op alternatieven voor vlees en zuivel, leidt het simpelweg toevoegen van meer vervangers niet automatisch tot een afname in de verkoop van vlees en zuivel. Bovendien is het essentieel om niet alleen de CO2e-uitstoot per product of kilo te verminderen, maar ook de absolute hoeveelheid CO2e. Helaas richten supermarkten en grote bedrijven zoals Friesland Campina en VION zich voornamelijk op het verminderen van de CO2e-uitstoot per eenheid product. Maar een vermindering van de CO2e-uitstoot per liter melk of kilo varkensvlees betekent niet automatisch dat er in absolute zin minder uitstoot is, omdat dit afhankelijk is van de totale melk -en vleesproductie.
Frank Mechielsen, directeur Foodrise EU: “Het is hoog tijd dat supermarkten hun greenwashing-tactieken opgeven en daadwerkelijk verantwoordelijkheid nemen voor hun klimaatimpact. Ze moeten stoppen met het afwenden van de aandacht en zich richten op de grootste bron van uitstoot: de producten die ze verkopen en met name de verkoop van vlees en zuivel verminderen. Supermarkten hebben de macht en invloed om klanten te helpen bij het maken van duurzamere keuzes, zodat ze een positieve impact op het klimaat krijgen. De tijd om woorden om te zetten in daden is nu.”
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
De brievenbus van Adema zat deze maand goed vol. Niet alleen kreeg hij van een groep organisaties het plan BoerenPerspectief overhandigd, ook kreeg hij via de Transitie Coalitie Voedsel te horen wat onze aanbevelingen zijn voor het voedselbeleid. Een brandbrief van een brede coalitie van 60 organisaties aan het eind van april was ook niet te voorkomen met het langdurige proces omtrent het Landbouwakkoord.
Wat is er aan de hand? Laten we het allemaal even langsgaan.
Boeren horen dat ze moeten veranderen. De veestapel moet kleiner, bloemenstroken aanleggen en minder mest uitrijden. Er zijn echter nog grote vragen over wie dat moet doen en voor wanneer. Uit alle omgekeerde vlaggen en de verkiezingsuitslag van de Provinciale Staten moge duidelijk zijn dat er weinig draagvlak is. Dat maakt het schrijven van een landbouwakkoord een hele klus. Een landbouwakkoord moet “duidelijkheid, zekerheid en rust” geven hoe de sector kan bijdragen aan de kwaliteit van natuur, water en klimaat. Tot nu toe is het allesbehalve dat. Waar wij en de rest van de coalitie bang voor zijn is dat het landbouwakkoord dit ook niet zal brengen als het alleen gericht zal zijn op Nederland. De landbouwsector in Nederland is onderdeel van een gigantisch voedselsysteem en erkenning en hierna handelen is essentieel:
“Daarom roepen we het kabinet op om de landbouw vanuit een systeemperspectief te bekijken en te hervormen. In een sterk geglobaliseerde wereld betekent dit: ook de Nederlandse rol als handelaar in en consument van voedsel- en landbouwproducten kritisch onder de loep nemen en het beslag dat Nederland legt op natuurlijke hulpbronnen elders in de wereld, verkleinen.”
Een voorbeeld van hoe dat in een nationaal landbouwakkoord geïntegreerd kan worden is door “te benadrukken dat Nederland ook buiten zijn grenzen de transitie naar een duurzaam en eerlijk voedselsysteem kan versnellen.”
Samen met 60 andere organisaties doen we aanbevelingen aan minister Adema en minister Schreinemacher om dit voor elkaar te krijgen.
Hopelijk worden deze in het Landbouwakkoord verwerkt en dan gepubliceerd, zodat we eindelijk de voedselbrief kunnen lezen die minister Adema naar de Tweede Kamer wil sturen. Dit wil hij namelijk pas na het landbouwakkoord doen. Als dat niet een gebrek aan systeembenadering ademt: voedsel en landbouw niet in één akkoord?!
Samen met de Transitiecoalitie Voedsel schreven wij een brief met aanbevelingen voor het voedselbeleid. We willen de eiwittransitie namelijk versnellen binnen een integraal voedsel- en gezondheidsbeleid waarin duurzaamheid, klimaat, gezondheid, landbouw en voedsel samenkomen. Zo willen we bijvoorbeeld dat stapelkortingen en stunten met vlees en zuivel verboden moet worden – dat is namelijk niet goed voor de boer en het klimaat. Alle supermarkten hebben we dan ook flinke strafpunten voor gegeven tijdens de Minder Vlees Race in oktober.
Terwijl er druk gediscussieerd wordt in Nederland is er ook op EU niveau veel aan de hand. Dit jaar wordt namelijk het duurzaam voedselsysteem raamwerk (SFS law) opgesteld. Foodrise EU heeft samen met Europese netwerk Food Policy Coalition aanbevelingen uitgebracht om het Europese voedselsysteem meer transparant, inclusief, democratisch, eerlijk en duurzaam te maken.
Als laatste, het plan BoerenPerspectief van Wijland, De Plaatsen, BoerenNatuur en Transitiecoalitie Voedsel is een visiedocument dat een plan beschrijft met een keukentafel en netwerkstructuren als manier voor boeren om ingewikkelde keuzes te maken met begeleiding en inspiratie. Het sluit aan bij een project waar we als Foodrise EU mee bezig zijn waarbij we in gesprek gaan met boeren over het gemeenschappelijk landbouwbeleid en de verdeling van kosten en baten in de keten. Stay tuned!
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Op 15 maart overhandigde een delegatie van de Haagse Voedselraad (HVR) een ‘Eerste aanzet tot een Integrale Voedselvisie voor Den Haag en omstreken’ (in English) aan wethouder Duurzaamheid, Energietransitie en klimaatadaptatie Arjen Kapteijns. Coördinator HVR Frank Mechielsen: ‘Met deze eerste aanzet delen wij met de wethouder onze inzichten over hoe een slagvaardige voedselvisie voor onze stad en ommelanden eruit zou kunnen komen te zien. Tevens roepen we het College bij monde van de wethouder op om samen met de HVR en alle andere belanghebbenden het formuleren van een actuele en doeltreffende voedselvisie te versnellen.’
“Onze inzet is dat een integraal voedselbeleid een prominente plek krijgt binnen de gemeente, omdat dit direct raakt aan veel grote opgaven waarvoor de gemeente zich gesteld ziet”, vertelt Frank Mechielsen. “De huidige voedselketen heeft een bijzonder grote impact op natuur en milieu, en op onze gezondheid. Daarnaast gaat het onder meer om het bieden van een toekomstperspectief aan boeren rond de stad en het genereren van banen in een meer circulaire, natuur-inclusieve landbouw, en uiteindelijk ook het kunnen vlottrekken van de woningbouw. Lokaal en regionaal liggen er tal van kansen om daaraan bij te dragen; kansen die de gemeente kan benutten. In ons discussiepaper doen wij concrete voorstellen hoe een integrale voedselvisie handen en voeten te geven. In onze stad zijn nu al talrijke initiatieven te vinden waarvan we kunnen leren en waarop we kunnen voortbouwen.”
Daarbij onderscheidt de HVR vier dragende thema’s; Participatie en democratie, Gezonde voedselomgeving, Duurzame voedselproductie en korte ketens, en Circulaire economie en innovatief ondernemerschap. Per thema stelt de HVR concrete aanbevelingen voor, waaronder het stimuleren van groene buurthuizen, tegengaan van voedselverspilling, ontwikkelen van gezonde bodems, meer zeggenschap voor bewoners bij lokale inrichting, maar ook aanpak van overvloed aan fastfood, geven van het goede voorbeeld bij inkoop catering binnen overheidsinstellingen, etc..
“Waar de overheid de burger kan verleiden, moet je als overheid verleiden. Waar de overheid kan dwingen, moet de overheid gewoon dwingen. Maak een duurzaam eetpatroon gewoon logisch”, aldus Marianne Edixhoven, oprichter van het groene buurthuis StadsOase Spinozahof en lid van de HVR. In de stadoase Spinozahof verbouwen buurtbewoners gezamenlijk voedsel, houdt Lekkernassûh een van haar wekelijkse markten, en hebben deelnemers een gemeenschap opgebouwd die integratie, zelfredzaamheid en saamhorigheid bevordert. De deelnemers ervaren aantoonbaar minder eenzaamheid. Marianne Edixhoven: “Het College zou zich kunnen inzetten meer van dit soort buurtinitiatieven te stimuleren.”
De overhandiging van de discussiepaper vond plaats bij De Participatie Keuken in Moerwijk in aanwezigheid van naast bovengenoemden ook Miriam Offermans (lid HVR) en Ben Lachhab (oprichter De Participatie Keuken en lid van de HVR). Ben Lachhab: “We praten over armoede en slechte levensstijl, maar vergeten soms dat het om overleven gaat. Wat nodig is, is om mensen moreel te ondersteunen en sterk te maken zodat ze bewuste voedselkeuzes kunnen maken.”
De Haagse Voedselraad zet zich, net als de andere Voedselraden in binnen- en buitenland, dagelijks in om een gezond en duurzaam voedselbeleid tot het nieuwe normaal te maken. In buurlanden zoals Duitsland (met meer dan 70 voedselraden) zijn voedselraden al geworteld waarin burgers volop participeren in wat letterlijk hun directe en eigen (voedsel)leefomgeving is. Daarmee groeit het ‘burgerbewustzijn’ idem dito.
Marinke van Riet, chief weaver van Europese beweging Healthy Food Healthy Planet en ambassadeur van de HVR: “De Haagse Voedselraad zoekt bewust de verbinding met de burgers en voedselinitiatieven in de stad. En zet hiermee een duidelijke beweging in van machteloze consument naar krachtige voedselburger; wat Healthy Food Healthy Planet ook nastreeft op Europees niveau. De al jaren groeiende en intrinsiek gedreven beweging van inwoners en lokale ondernemers om te streven naar een duurzamer, gezonder en meer sociaal verantwoord voedselsysteem zou een enorme boost krijgen indien ook de gemeente hierin de rol gaat spelen die past bij haar omvang en verantwoordelijkheid. Dit vraagt om een stevige verankering van een interdisciplinair voedselteam in de gemeentelijke organisatie.”
Foodrise EU ondersteunt de Haagse Voedselraad en is lid van de Vereniging Ons Eten. Foodrise ondersteunt lokale gemeenschappen in Engeland met sociaal ondernemerschap, educatie en beleid beïnvloeding van gemeentes om te zorgen dat het voedselsysteem gezond, betaalbaar en duurzaam wordt. Foodrise EU verbindt initiatieven in Europa om zo meer invloed te hebben op het beleid in Nederland en de EU.
Zie voor de leden van de Haagse Voedselraad: https://ons-eten.nl/project/8670/voedselraad-den-haag
De Haagse Voedselraad is een initiatief van de vereniging Ons Eten Den Haag en is opgericht als onafhankelijke spreekbuis van bewoners, initiatieven en ondernemers uit Den Haag over gezond, eerlijk en duurzaam voedsel. De kern van de Voedselraad wordt gevormd door ongeveer vijfentwintig experts op het gebied van voedsel, voedselsystemen, natuur, duurzame economie, educatie, gezondheidszorg en stedelijke ontwikkeling. Allen zijn diepgeworteld in de stad en adviseren met hun kennis over verschillende delen van het voedselsysteem het gemeentebestuur gevraagd en ongevraagd bij het opzetten van een gezond en duurzaam voedselbeleid.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.
Uit nieuw onderzoek dat vandaag is gepubliceerd, blijkt dat Rabobank tussen 2015-21 miljarden dollars aan financiering heeft verstrekt aan 18 industriële veehouderijbedrijven met de grootste broeikasgasuitstoot, ondanks het feit dat zij zich hebben gecommitteerd aan de doelstellingen van het Akkoord van Parijs, het Nederlandse Klimaatakkoord en de doelstellingen over duurzame landbouw en bossen.[i]
Een groep organisaties, waaronder Foodrise EU, Foodrise, World Animal Protection en BankTrack hebben de Rabobank opgeroepen dringend te stoppen met het financieren van grote veebedrijven. In een gezamenlijke brief aan de CEO van de bank benadrukt de groep dat het continueren van de financiering van grootschalige vlees en zuivel productie de reputatie en de activiteiten van de Rabobank zal schaden, inclusief het risico van inkomstenverlies en gestrande activa.
Uit het onderzoek blijkt dat de Rabobank tussen 2015 en 2021 uitgebreide financiële diensten heeft verleend aan vijf van ‘s werelds grootste industriële veehouderijbedrijven – JBS, Marfrig, Tyson Foods, Dairy Farmers of America en Fonterra, waaronder 1,941 miljard dollar aan bedrijfsleningen, het overnemen van 1,221 miljard dollar aan obligatieleningen en het verstrekken van doorlopende kredietfaciliteiten. Deze ‘Big 5’ genereerden naar schatting 550,8 miljoen ton broeikasgassen (GWP100) in 2021[ii], samen bijna evenveel als de totale uitstoot van Nederland en het Verenigd Koninkrijk samen.[iii]
De Rabobank verleende ook financiële diensten aan Royal Friesland Campina en Vion Food Group. In 2016 stootten deze twee bedrijven samen naar schatting 58 miljoen ton broeikasgassen uit[iv].
De vleesproductie is tussen 1961 en 2015 verviervoudigd.[v] Aangezien de wereldwijde vlees- en zuivelindustrie naar verwachting bijna de helft van het emissiebudget van 1,5°C zal opgebruiken tegen 2030 [vi], zal een transitie weg van de industriële veeteelt noodzakelijk zijn om verergering van de klimaatcrisis te voorkomen. Dit vereist dat banken en investeerders resoluut actie ondernemen om de financiële steun aan de sector de komende jaren af te bouwen.
In 2021 kondigde het vorige kabinet een plan van 25 miljard euro aan om de veestapel tegen 2030 met 30% te verminderen om aan de Europese natuurwetgeving te voldoen. In oktober 2022 werd een motie aangenomen die financiële instellingen verplicht kredietrisico’s als gevolg van gestrande activa te beheren, wat betekent dat zij verplicht zijn verliezen als gevolg van dit soort kredietrisico’s zelf te dragen. Als de Nederlandse regering de motie zou aannemen en specifiek beleid zou ontwikkelen, zou de Rabobank een aanzienlijk deel van haar kredietportefeuille moeten afschrijven. Dit onderstreept de aanzienlijke regelgevingsrisico’s die de Rabobank loopt door industriële veehouderijen te blijven financieren.
Frank Mechielsen, directeur van Foodrise EU: “Industriële vleesbedrijven zoals JBS veroorzaken veel uitstoot en zijn verantwoordelijk voor ontbossing, mensenrechtenschendingen, pandemische risico’s en dierenmishandeling. Gericht op louter winst zullen deze bedrijven alleen maar steeds grotere hoeveelheden goedkoop vlees en zuivel produceren om de winsten van hun kernactiviteiten te behouden. Het is onaanvaardbaar dat financiële instellingen zoals de Rabobank de eindeloze uitbreiding van deze vervuilende industrie blijven faciliteren ten koste van het klimaat. Beleidsmakers moeten alle beschikbare instrumenten inzetten voor een rechtvaardige overgang naar een verminderde vlees- en zuivelproductie en -consumptie, waaronder openbare aanbestedingen, het ombuigen van subsidies en het reguleren van industriële veehouderijbedrijven en hun financiers”
Dirk-Jan Verdonk, directeur World Animal Protection: “Dat de mondiale vee-industrie massaal dierenleed veroorzaakt, kostbare natuur verwoest en een grote bijdrage levert aan de opwarming van de aarde weet Rabobank al heel lang. De bank heeft bovendien een grote historische verantwoordelijkheid. Tot dusverre laten de stappen die de bank zet veel te wensen over, terwijl de urgentie met de dag toeneemt. Als het Rabobank ernst is te streven naar een duurzaam voedselsysteem, past het niet te blijven investeren in bedrijven zoals JBS die de benodigde transitie tegenhouden.”
Professor Hans Pörtner, wetenschapper en medevoorzitter van de Intergovernmental Panel on Climate Change sprak vorig jaar het Europese Parlement toe en zei: “Zonder het verminderen van vlees consumptie en de bijbehorende intensieve landbouw/voedselsystemen kunnen we de opwarming van de aarde niet beperken tot 1,5 graad. Dat is heel duidelijk.”[vii]
[i] Rabobank, ´Our Road to Paris Report´, November 17, 2022 2022https://www.rabobank.com/en/press/search/2022/20221117-rabobank-presenteert-klimaatrapport.html
[ii] IATP and Changing Markets Foundation, “Emissions Impossible: Methane Edition” (The Institute for Agriculture and Trade Policy (IATP) and the Changing Markets Foundation, November 15, 2022), https://www.iatp.org/emissions-impossible-methane-edition.
[iii] Hannah Ritchie, Max Roser, and Pablo Rosado, “CO₂ and Greenhouse Gas Emissions,” Our World in Data, May 11, 2020, https://ourworldindata.org/greenhouse-gas-emissions.
[iv] GRAIN and IATP, “Emissions Impossible: How Big Meat and Dairy Are Heating up the Planet” (GRAIN and the Institute for Agriculture and Trade Policy, 2018), https://www.iatp.org/emissions-impossible.
[v] IPES-Food, 2022. The politics of protein: examining claims about livestock, fish, ‘alternative proteins’ and sustainability. https://www.ipes-food.org/_img/upload/files/PoliticsOfProtein.pdf (2022).
[vi] Harwatt, H. (2019) ‘Including animal to plant protein shifts in climate change mitigation policy: a proposed three-step strategy’, Climate Policy. Taylor & Francis, 19(5), pp. 533–541. doi: 10.1080/14693062.2018.1528965. https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/14693062.2018.1528965
[vii] Elena Sánchez Nicolás and Carolin Sprick, “Dismay over EU Plans to Keep Paying to Promote Meat,” EUobserver, May 29, 2022, https://euobserver.com/green-economy/155052.
We would love to hear from you!
Share on social media
Stay up to date with our latest work.